Verstandelijkbeperkt.nl
Dè site over verstandelijke beperking van het Expertisecentrum Verstandelijke Beperking      

Gehechtheid

Gehechtheid speelt een belangrijke rol in het leven van ieder mens. Gehechtheid is een biologisch gegeven geneigdheid bij kinderen om de nabijheid van een specifiek persoon te zoeken in situaties van stress. Gehechtheidsgedrag is een wisselwerking tussen het kind en de volwassene (twee richtingen dus). Bij veel mensen is het hechtingsproces niet goed verlopen. Er kan sprake zijn van een onveilige gehechtheid of zelfs van een hechtingsstoornis als gevolg hiervan, maar dat is niet altijd het geval. Een veilige gehechtheidsrelatie is op zichzelf geen noodzakelijke voorwaarde voor een gezonde psychische ontwikkeling, maar kan wel gezien worden als een belangrijke protectieve factor.
Er is sprake is van een verhoogd risico op hechtingsproblematiek in de ontwikkeling van kinderen met een verstandelijke beperking (onderzoek uit 2002 door Janssen, C., Schuengel, C., en Stolk, J.). Risico’s hebben te maken met:
(1) verwerkingsproblemen en stress van de ouders
(2) de bemoeilijkte opvoeding en soms ontoereikende opvoedingsmogelijkheden of –vaardigheden
(3) de cognitieve en communicatieve beperkingen van het kind
(4) discontinuïteit in de zorg en het onderwijs voor het kind

De kwaliteit van de gehechtheidsrelatie is van invloed op de wijze waarop het kind basisveiligheid en (zelf-) vertrouwen zal ontwikkelen en hoe het kind zal leren zich in het contact met anderen te manifesteren. Een vermijdend of afwerend gehechtheidspatroon (twee van drie vormen van onveilige gehechtgheid) is weliswaar geen veilig patroon, maar kan soms wel fungeren als een adequate aanpassing in het gehechtheidssysteem aan minder gunstige omstandigheden. In die zin hoeft het niet noodzakelijkerwijs schadelijk te zijn voor de verdere psychische ontwikkeling. Bij een gedesorganiseerd gehechtheidspatroon is er wel een groot risico voor het ontwikkelen van emotionele problemen (de gehechtheidsrelatie vormt de basis voor de emotionele ontwikkeling), gedragsproblemen of zelfs psychopathologie op latere leeftijd. Sommige persoonlijkheidsstoornissen worden veelal veroorzaakt door een onveilige hechting. Bijvoorbeeld de borderline persoonlijkheidsstoornis (meestal bij vrouwen) en de narcistische persoonlijkheidsstoornis (meestal bij mannen).
Het herkennen van hechtingsgedrag is van belang voor een goede begeleiding van de cliënt. Wanneer je weet dat bepaald gedrag zijn oorsprong vindt in hechtingsproblematiek, ontstaat er meer begrip voor de cliënt en kan de begeleiding hierop aangepast worden.