Verstandelijkbeperkt.nl
Dè site over verstandelijke beperking van het Expertisecentrum Verstandelijke Beperking      

Affectieve bewuste benadering (ABB) vervolg


De methode

Bij de Affectief Bewuste Benadering staat de begeleidingsrelatie centraal; het contact tussen begeleider en cliënt.  Binnen deze begeleidingsrelatie is het belangrijk dat de begeleider bewust omgaat met de eigen emoties en de emoties van de cliënt en zich bewust is van het(sociaal) emotionele ontwikkelingsniveau van de cliënt.  Bewust en onbewust geven de cliënt en de begeleider elkaar namelijk emotionele signalen.  Het is bekend dat mensen deze signalen interpreteren vanuit hun eigen cognitie en stemming.  Zo ook begeleiders.  Door je zoveel mogelijk bewust te zijn van die cognitie, stemming en af te stemmen op het emotionele ontwikkelingsniveau, kan de kwaliteit van de bejegening geoptimaliseerd worden. Daarbij hoort overigens ook kennis van de gehechtheidsgeschiedenis van de cliënt

Voorwaarden voor de Affectief Bewuste Benadering zijn contact, dagstructuur en het hebben van een doel.  Anders gezegd: we moeten eerst wederzijds vertrouwen opbouwen, structuur aanbrengen en een gezamenlijk doel opstellen om een cliënt goed te kunnen begeleiden. 

De begeleidingsrelatie is een systeem op zich en is onderhevig aan systeeminvloeden (s).  Door je bewust te zijn van dit systeem en de factoren die hierop van invloed zijn, zoals de werksfeer van de begeleider en het netwerk van de cliënt, valt hier winst uit te halen. 

           

 Bij ABB draait het om contact tussen client (C) en begeleider (B)

 

Achtergrond

Gedurende de  zoektocht  naar  een beter werkbare methode binnen de verstandelijk gehandicaptenzorg is de Affectief Bewuste Benadering geboren.  De Affectief Bewuste Benadering richt zich op de kern van de  begeleiding van mensen met een verstandelijke  beperking; namelijk de relatie tussen de begeleider en de cliënt. Deze methode inclusief de bijbehorende 'tools'  is toepasbaar in de zorg voor mensen met een matige of lichte verstandelijke beperking  of zwakbegaafdheid. Deze nieuwe methode is voor en door mensen uit de praktijk geschreven. 

Brian Twint  heeft aan de  Hogeschool van Amsterdam de SPH afgerond en is al jaren als projectleider werkzaam in de verstandelijk gehandicaptenzorg en is de oorspronkelijke bedenker en ontwikkelaar van de Affectief Bewuste Benadering. Brian is daarnaast initiatiefnemer van het Expertisecentrum Verstandelijke Beperking.

Bianca van Kouwen  heeft zich in een later stadium van de ontwikkeling van deze methode aangesloten vanuit haar achtergrond als orthopedagoog en geestelijk verzorger. In 2013 heeft Annemiek Veenstra, orthopedagoog, het stokje van haar overgenomen. 

Deze methode zou echter niet tot stand gekomen zijn zonder de hulp van een aantal mensen uit het vakgebied. Een groot aantal professionals van verschillende organisaties werkt(e) ieder op zijn of haar eigen wijze mee aan de totstandkoming van de Affectief Bewuste Benadering.

Zorgvisie

Onze huidige zorg voor mensen met een verstandelijke beperking kenmerkt zich door de nadruk die ligt op een grotere autonomie en de emancipatie  die deze doelgroep de afgelopen jaren heeft doorgemaakt. Dit heeft een tot een hoop positiefs geleid, maar heeft  ook geleid  tot een aantal knelpunten in de zorg.  Deze hebben te maken met een bepaalde handelingsverlegenheid die is ontstaan  (de cliënt  wordt  mondiger  en  de begeleider heeft moeite  met  ingrijpen), terwijl  tegelijkertijd  het pad naar autonomie nog steeds geplaveid wordt. We kunnen stellen dat de kwaliteit van de zorg  om verbetering vraagt.  Momenteel wordt er  om   deze  reden  hard   gewerkt  aan  het  creëren   van kwaliteitskaders voor de Verstandelijk Gehandicapten sector. Autonomie  is  een   belangrijke  verworvenheid,  maar  vraagt tegelijkertijd om een tegenbeweging door  het creëren van deze kwaliteitskaders. Deze kaders bestaan uit het vaststellen  van grenzen  van  het aanvaardbare  en daarmee het vaststellen van richtlijnen voor  verantwoorde zorg.  Dit is geen gemakkelijke opgave;  er is  sprake  van een  constant spanningsveld tussen autonomie en beschermwaardigheid (Bosch, 2002).

DE ROL VAN GEHECHTHEID

Gehechtheid speelt een belangrijke rol in het leven van ieder mens. De wijze waarop je als persoon zelf liefde, veiligheid en geborgenheid hebt ervaren, bepaalt voor een groot deel jouw gehechtheidsgedrag. Gehechtheidsgedrag is gedrag dat je laat zien, gericht op het tot stand komen en in stand houden van een relatie of band met een ander. Bij veel mensen is het gehechtheidsproces niet goed verlopen. We spreken dan van een onveilige gehechtheid. Onderzoek wijst uit dat mensen met een verstandelijke beperking in de meeste gevallen onveilig gehecht zijn. Maar ook bij een groot percentage van de normaal begaafde populatie is er sprake van een verstoorde gehechtheid en daarbij horende problematiek.

Sommige persoonlijkheidsstoornissen worden veelal veroorzaakt door een onveilige gehechtheid. Bijvoorbeeld de borderline persoonlijkheidsstoornis (meestal bij vrouwen) en de narcistische persoonlijkheidsstoornis (meestal bij mannen). Ook kun je stellen dat er een groot verband is tussen te hoge of te lage Expressed Emotion (EE) en onveilige gehechtheid. De emotieregulatie van de persoon is dan bijvoorbeeld minder goed, waardoor er sprake is van hoge EE gedrag, of iemand is juist sterk teruggetrokken waardoor de persoon juist zeer lage EE gedrag laat zien. Over het belang van het herkennen van de eigen mate van EE is elders op de website informatie te vinden. Verder kun je stellen dat de mate van veilige of onveilige gehechtheid mede bepalend is voor het verloop van de emotionele ontwikkeling. Deze kan bijvoorbeeld sterk achter lopen door toedoen van een onveilige gehechtheid.

Het herkennen van gehechtheidsgedrag is van belang voor een goede begeleiding van de cliënt. Wanneer je weet dat bepaald gedrag zijn oorsprong vindt in gehechtheidsproblematiek, ontstaat er meer begrip voor de cliënt en kan de begeleiding hierop aangepast worden.

DE EXPERIMENTELE EE-ZELFTEST

De vernieuwde en verbeterde EE-zelftest is klaar en gratis te downloaden via onze webshop op Boompsychologie.nl

De Experimentele EE-zelftest is een hulpmiddel voor begeleiders om te kijken naar de hoogte van de eigen EE (Expressed Emotion). Na het invullen van een 20-tal vragen, volgt een uitspraak over de hoogte van de eigen EE. Lees de vragen zorgvuldig door voordat je de test maakt. Bespreek de uitkomsten met mensen die je goed kennen. Aan de hand van de gescoorde onderwerpen is het mogelijk om aandachtspunten te formuleren. De EE-zelftest omvat 4 pagina's, een handige uitleg en informatie.

Emotionele Expressie (afgekort EE) geeft de waarde aan van de mate waarin iemand emotioneel overbetrokken, vijandig en kritisch is. Een begeleider met een hoge EE-waarde is meestal in sterke mate betrokken. Op zich niets mis mee, want laten we niet uit het oog verliezen dat betrokkenheid naast een valkuil ook een kwaliteit is. Het wordt schadelijk wanneer er sprake is van vijandig en te kritisch gedrag van de begeleider. Dit gedrag gaat vaak samen met overbetrokkenheid. Dit is de schaduwkant van een op zichzelf mooie en belangrijke kwaliteit. Een hoge EE uit zich in een hogere mate van betrokkenheid naar andere personen toe. Dit gaat vaak samen met het uiten van persoonlijke meningen en in negatieve zin ook wel eens met het uiten van te veel kritiek. Begeleiders met een hoge EE die met moeilijke doelgroepen werken, raken vaak eerder gefrustreerd omdat er niet snel genoeg voortgang wordt geboekt. Naast het feit dat zij dan te veel op vooruitgang zijn gericht, hebben zij ook dikwijls te hoge verwachtingen en wanneer het gewenste resultaat uitblijft, vervallen zij in een negatieve omgang met cliënten of collega’s en in het doen van negatieve uitspraken. Er is vaak sprake van een gebrek aan balans in afstand en nabijheid.

Begeleiders met een redelijk hoge EE kunnen te maken hebben (gehad) met enkele van bovenstaande zaken. Vaak neigt de begeleider met een redelijk hoge EE meer richting nabijheid dan richting afstand, maar meestal is er sprake van een professionele betrokkenheid.

Begeleiders met een lage EE zijn soms wat meer laconiek in hun houding. Ze zijn niet op een snelle vooruitgang gericht, maar zijn in plaats daarvan meer gericht op het ondersteunen en aanmoedigen van de cliënt. Zij accepteren de eigenaardigheden van de cliënt als horend bij de beperking.

Het is belangrijk om een balans te hebben in afstand en nabijheid. Een professionele betrokkenheid kenmerkt zich door een balans tussen voldoende afstand en voldoende nabijheid. Dus niet te veel van het één en te weinig van het ander. Veel afstand kan in incidentele gevallen soms goed zijn. Veel nabijheid is veelal gewenst, maar moet wel samengaan met voldoende afstand. Wanneer je onvoldoende afstand hebt, is het moeilijk om de situatie met een overstijgende blik te kunnen overzien (helikopterview).

VIB-ABB

Video-interactiebegeleiding bij toepassing met de Affectief Bewuste Benadering (VIB-ABB) is een zeer geschikte manier om de begeleider te helpen naar zichzelf te kijken in communicatie over en weer met de cliënt. Het doel van VIB-ABB is het verbeteren van de communicatie tussen begeleider en cliënt en zelfbewustwording van de begeleider. Voorkennis van de uitgangspunten van de Affectief Bewuste Benadering is nodig bij VIB-ABB.

 

Hoe werkt het?

De begeleider krijgt de opdracht om een film van 10 tot 15 minuten te maken van zichzelf, tijdens interactie met één of meerdere cliënten. Door het bespreken van de video-opname wordt vervolgens de basiscommunicatie tussen begeleider en cliënt geanalyseerd. Bij VIB-ABB helpt een coach of supervisor de begeleider bij het benoemen van aspecten van de eigen houding, emotionele expressie, relationele vaardigheden en niveau van communicatie.

 

Bij het terugkijken van de opname staan twee hoofdvragen centraal:

-Welke initiatieven neemt de cliënt om contact te maken?

-Hoe reageert de begeleider op die initiatieven?

 

Daarbij worden alle volgende subvragen beantwoordt:

-Welke EE-benadering (Expressed Emotion) is te zien?

-Hoe was de insteek qua niveau van de cliënt? Wat weet de begeleider over het niveau van de cliënt?

-Is bekend in welke fase(n) van emotionele ontwikkeling de cliënt functioneert? Hoe is dit te zien bij de video-opname? Hoe is de insteek van de begeleider?

-Is er sprake van tweerichtingsverkeer?

-Wie nam het voortouw en waarom?

-Vielen er stiltes? Waarom wel/niet?

 

Waar kan ik terecht voor VIB-ABB?

Bij VIB-ABB verzorgt een coach/supervisor de video-interactiebegeleiding. Deze persoon dient een VIB-scholing te hebben gevolgd en een training ABB. VIB-ABB kan ook door een gedragskundige worden begeleid. Deze dient een training in Affectief Bewuste Benadering te hebben gevolgd.

De Regenton

Introductie De Regenton-VB+ is een experimenteel instrument voor orthopedagogen, psychologen en psychodiagnostisch medewerkers in de verstandelijk gehandicaptensector. Het model wordt weergegeven als een tweedimensionale regenton, waarbij de duigen van de ton als een soort staafdiagrammen de verschillende aspecten binnen het functioneren van een persoon weergeven. Tegelijkertijd worden de verschillende functioneringsgroepen vergeleken met het Totaal IQ, in het model weergegeven als het water in de ton. ‘VB’ verwijst hierbij naar de doelgroep: mensen met een verstandelijke beperking. Of beter gezegd: mensen waarbij sprake is van een beperkte begaafdheid, aangezien het instrument ook geschikt is gemaakt voor de doelgroep met een intelligentiequotiënt (IQ) tussen de 70 en 85. De ‘+’ verwijst naar het gegeven dat het instrument voor volwassen personen is ontwikkeld. Om in kaart te brengen waar de risico’s liggen op overvraging en onderstimulering van cliënten met een verstandelijke en/of emotionele achterstand worden zes verschillende aspecten weergegeven, te weten: het Totaal IQ (TIQ), het Verbaal of Crystallized IQ (VIQ/VRI), Performaal of Fluid IQ (PIQ/PRI), het emotionele ontwikkelingsniveau, de mate van sociale redzaamheid en de kalenderleeftijd. Al deze aspecten zeggen op zichzelf en vooral in samenhang met elkaar iets over het functioneren van de persoon. Deze gegevens kunnen worden ingevuld in de duigen van de ton. De Regenton-VB+ maakt onderdeel uit van de Affectief Bewuste Benadering (ABB), een begeleidingsmethode waarbij afstemming tussen de begeleider en de cliënt van groot belang is. Voor meer informatie hierover verwijzen wij u graag door naar de publicatie ‘De Affectief Bewuste Benadering’ (Twint en van Kouwen, 2011) en naar de website affectiefbewustebenadering.nl. De regenton is bedacht door GZ-psycholoog Ton Hoogstraat en in samenwerking met medewerkers van Expertisecentrum Verstandelijke Beperking uitgewerkt tot wat het nu is. De Regenton-VB+ is geen meetinstrument. Het is een instrument waarin de intelligentie, emotionele ontwikkeling, sociale redzaamheid en kalenderleeftijd met elkaar vergeleken worden. Zodat een compleet beeld van de cliënt ontstaat. Het geeft een overzicht van de verschillende gegevens over een cliënt. De Regenton-VB+ is ontwikkeld voor mensen vanaf 18 jaar. De instrumenten waarmee de intelligentie, (sociaal-) emotionele ontwikkeling en sociale redzaamheid onderzocht worden, zijn voor deze leeftijdcategorie geschikt. De doelgroep is vooral mensen met een verstandelijke beperking. Zie verder: Uitgeverij Conferent: http://conferent.nl/nieuwe-uitgaven-bij-conferent/18-de-regenton-vb Webpagina Regenton: http://www.affectiefbewustebenadering.nl/regenton.php

HET FEEDBACKGESPREK

Met het feedbackgesprek kan de begeleider aan de cliënt vragen of deze tevreden is over de omgang met elkaar. Het feedbackgesprek vindt plaats aan het eind van een hulpverleningsgesprek of begeleidingsgesprek. Wil je dit feedbackgesprek samen voeren, volg dan de volgende stappen:

1. Download het formulier 'feedbackgesprek' en druk dit af op papier of bestel in de webshop.

2. Praat met elkaar over ieders doelen met dit feedbackgesprek en spreek af wat je met de informatie die dit feedbackgesprek oplevert, zult doen.

3. Start met het feedbackgesprek aan het eind van een begeleidingsgesprek of hulpverleningsgesprek. Hier volgen een aantal tips:

-blijf altijd rustig, laat zien dat je open staat voor de mening van de ander en ga niet in verdediging, toon begrip.

-vraag indien nodig om verduidelijking

3. Spreek af wanneer je op het verbeterpunt terug zult komen.

DE TIENSECONDENREGEL

Als hulpverleners zijn wij vaak geneigd zijn om stiltes in gesprekken met de cliënt op te vullen wanneer een stilte voor ons gevoel te lang duurt. Hiermee ontnemen we de cliënt de kans om met een eigen reactie te komen. Vaak is het bovendien zo dat cliënten er aan gewend zijn dat begeleiders deze stiltes opvullen. Hierdoor verliezen zij een stukje eigen initiatief. 

Wanneer we 10 seconden stilte in acht nemen voor dat wij de ongemakkelijk aanvoelende stilte opvullen, geven we de cliënt de ruimte om te reageren. Voor sommige mensen moeten we hier zelfs 20 seconden aanhouden. Probeer het maar eens en kijk wat er gebeurt!

DE PIRAMIDE VAN MASLOW

De basis voor een gezonde hulpverleningsrelatie tussen begeleider en cliënt is het ervaren van vertrouwen en een gevoel van veiligheid. Beschikbaarheid van de begeleider, stabiliteit en voorspelbaarheid in de begeleidingsrelatie en in het dagelijkse leven, dragen bij aan deze veiligheid en helpen het vertrouwen te winnen dat nodig is voor de hulpverleningsrelatie.

Abraham Maslow ontwikkelde in de jaren ’60 de theorie van de toenemende behoefte; een model in de vorm van een piramide om de basisbehoeften van elk mens te rangschikken. Hogere lagen van behoefte kunnen hierbij pas volledig vervuld worden wanneer de behoeftes van de lagen eronder vervuld zijn. Dit model noemen we de behoeftehiërarchie van Maslow.



Het model laat zien dat iemand eerst zijn fysieke behoeften moet vervullen, zoals eten, drinken en slapen, alvorens aan de behoeften te kunnen voldoen die hoger in de piramide staan. Na de fysieke behoeften is de behoefte aan veiligheid (zekerheid) het meest belangrijk. Een mens moet zich veilig voelen om goed te kunnen functioneren. Pas dan kan iemand zich ook geliefd voelen en gezonde vriendschappen aangaan. Een volgende stap is het gevoel van erkenning, het gevoel er te mogen zijn. Iemand die zich erkend voelt, kan zichzelf vervolgens ontplooien.

Voordat we aan de relatie met onze cliënt kunnen werken, zullen we dus eerst moeten werken aan het voldoen van de fysieke behoeften en de behoefte aan veiligheid zoals we kunnen zien in de piramide van Maslow, niet alleen bij de cliënt maar ook bij jezelf.

Literatuur

Boeken:

·         Begeleiden met inzicht, Brian Twint en Annemiek Veenstra, Boom, Amsterdam 2014

·         De Affectief Bewuste Benadering, Bianca van Kouwen, Annemiek Veenstra en Brian Twint; in: Handboek verstandelijke beperking, 24 succesvolle methoden, Brian Twint en Jac de Bruijn, Boom, Amsterdam 2014

·         De Affectief Bewuste Benadering, Het op maat begeleiden van mensen met een verstandelijke beperking, Brian Twint en Bianca van Kouwen. Boomnelissen, Amsterdam 2011.

Werkboeken:

·         Twint, B.M.
Toekomstgericht plannen voor mensen met een verstandelijke beperking, Werkboek Het Toekomstplan. 2e druk - Expertisecentrum Verstandelijke Beperking, 2014.

·         Twint, B.M.
Dagplanning voor mensen met een verstandelijke beperking, Werkboek Dagelijkse Routine. 2e druk - Expertisecentrum Verstandelijke Beperking, 2014.

·         Twint, B.M., Amende, S.W.
Netwerkanalyse en Netwerkplan voor mensen met een verstandelijke beperking, Werkboek Netwerkplan. 2e druk - Expertisecentrum Verstandelijke Beperking, 2014.

·         Alma, D en Twint, B.M.                                                                                                                                  Werkboek zorg en zelfverzorging - Expertisecentrum Verstandelijke Beperking, 2014

·         Twint, B.M.                                                                                                                                                     Werkboek Leefstijl. 2e druk - Expertisecentrum Verstandelijke Beperking, 2014

·         Twint, B.M., Amende, S.W. 
Signaleringsplan voor mensen met een verstandelijke beperking, Werkboek Signaleringsgesprek. 2e druk - Expertisecentrum Verstandelijke Beperking, 2014.

            Tools:

·         De Regenton-VB+ - 2e druk - Expertisecentrum Verstandelijke Beperking, 2014.

·         EE-zelftest - 2e druk - Expertisecentrum Verstandelijke Beperking - 2015

    Overige publicaties:

·         Twint, B.M.
Affectief bewust begeleiden van mensen met een verstandelijke beperking. De Affectief Bewuste Benadering. Cordaan, Amsterdam, 2009.